Brailleliga Logo
logo BRAILLELIGA en decoratief element
 
 
decoratief element decoratief element decoratief element

Diensten van de Brailleliga : Dagelijks leven

Hulp bij verplaatsingen

Visueel gehandicapten beschikken over verschillende soorten hulpmiddelen wanneer zij zich verplaatsen. De meest courante hulpmiddelen zijn:
- De witte stok
- De geleidehond


De witte stok
Er bestaan verschillende soorten witte stokken:

- De identificatiestok
Deze stok laat duidelijk zien dat zijn eigenaar een visuele handicap heeft. Automobilisten en voetgangers zullen er extra aandacht aan besteden.

- De steunstok
De stok wordt gebruikt wanneer de visueel gehandicapte persoon tijdens zijn verplaatsingen steun nodig heeft. Dankzij deze witte steunstok wordt hij eveneens onmiddellijk herkend.

De lange verplaatsingsstok- De lange verplaatsingsstok
Idealiter wordt deze stok gebruikt door personen die de verplaatsingstechnieken hebben aangeleerd. De Brailleliga onderwijst dergelijke technieken.
Dit soort stok is, indien hij correct wordt gebruikt, een belangrijk hulpmiddel bij verplaatsingen.
Door met de stok voor zich op de grond tikken, hoort of voelt de visueel gehandicapte de eventuele hindernissen waarover hij zou kunnen struikelen. Deze stok verschaft dus tastinformatie en helpt de blinde zich te beschermen tegen de verschillende obstakels die op zijn weg liggen.
De stok op wieltjes is een variant van de lange stok. Deze stok blijft voortdurend in aanraking met de grond en verschaft bijgevolg meer nauwkeurige tastinformatie.
De lengte van de stok is eveneens van fundamenteel belang om hindernissen op te sporen in een voldoende groot veld en zo de blinde persoon voldoende tijd te geven om gepast te reageren.

Criteria voor de toekenning van een witte stok

Sinds juli 2005 wordt, ingevolge de wet betreffende de administratieve vereenvoudiging, de machtiging door het gemeentebestuur niet langer vereist. Het is dus aan de verenigingen voor hulp aan blinde en slechtziende personen om er zich van ter vergewissen dat de personen die een aanvraag indienen voldoen aan de toekenningscriteria en dat het gebruik van de witte stok gerespecteerd wordt in overeenstemming met de wet.

Bovendien, sinds 25 december 2006, kan iedereen met een visuele handicap van minstens 60% (volgens het officieel Belgisch invaliditeitsbarema) of op voorschrift van een oogarts-specialist in de revalidatie over een witte stok beschikken.
Deze nieuwe wet schaft de gele stok af, voordien bestemd voor slechtziende personen, maar miskend door het grote publiek en dus weining bruikbaar. De witte stok is voortaan het unieke symbool van blind- en slechtziendheid.

De geleidehond - Copyright Pol Magis
De geleidehond
Elke visuele gehandicapte persoon wil zich graag zo zelfstandig mogelijk verplaatsen. Door verplaatsingstechnieken aan te leren (met een lange witte stok bijv.) verwerft de blinde reeds een zekere "bewegingsvrijheid". Toch is soms ook een geleidehond noodzakelijk om hem de nodige zekerheid te geven om de hindernissen op straat te trotseren.
Het gebruik van een geleidehond vereist van de blinde persoon wel een zekere zelfredzaamheid bij het begin. De blinde moet zich dus in zekere mate al kunnen verplaatsen en oriënteren. Bovendien vervangt de geleidehond het gebruik van de witte stok niet.

Het africhten van een geleidehond gebeurt in drie fasen:

Als de pup 7 à 8 weken oud is, wordt hij toevertrouwd aan een opvanggezin. Dit gezin zorgt ervoor dat de hond een opvoedingsprogramma volgt waardoor deze leert wennen aan zijn omgeving, aan kinderen, aan andere dieren, aan het verkeer enz. Dit programma duurt 12 à 18 maanden. De eerste fase is dezelfde als deze voor niet-geleidehonden, namelijk het leren gehoorzamen in het algemeen en het opvolgen van fundamentele bevelen.

Na zijn verblijf bij het pleeggezin zet de hond zijn opleiding voort bij de Brailleliga. Gedurende deze tweede fase leert men de hond de specifieke technieken aan om de blinde op straat te begeleiden: stoppen en gaan zitten op de rand van het trottoir, hindernissen opsporen en vermijden door eromheen te lopen, leren wennen aan de verkeersgeluiden, de hoogte en breedte van een doorgang leren inschatten om te vermijden dat zijn baasje zich aan hindernissen stoot. De hond leert een eenvoudige maar doeltreffende woordenschat die zijn toekomstig baasje eveneens onder de knie moet hebben.

Tijdens de derde fase zal de hond zich vertrouwd maken met zijn baasje. De blinde persoon neemt geleidelijk aan de rol over van de africhter. De blinde en zijn geleidehond hebben ongeveer drie maanden nodig om aan elkaar te wennen en leren samen te werken.


De Dienst Begeleiding
Hulp bij verplaatsingen
Hulp in het dagelijkse leven
Technische hulp en toegang tot informatie
De Informatiedienst voor technische aanpassingen

einde van de pagina

decoratief element
Copyright Brailleliga 2012 - Disclaimer - Developed by LbiGroup -
Wat de verwerking van persoonlijke gegevens betreft, respecteert deze site de Wet van 8 december 1992
met betrekking tot de bescherming van de persoonlijke levenssfeer.